Like a thief in the night

dief

Moeder vindt het altijd geweldig om ons eraan te herinneren wat voor een huilerige baby broer was als hij klein was en wat voor een stil en braafke ik was, tot mijn eerste levensjaar erop zat. Waarschijnlijk schakelde God toen mijn fantasieknop in, want van die dag aan was ik een bange baby, een bang kind en een bange tiener.

Tegen dat ik al in slaap gesukkeld was, wat niet lukte zonder het licht in de gang aan, de deur wijd open en vader in de schommelstoel in de gang, droomde ik vaak vreemd of eng. Alsof ik overdag al niet luid en babbelig genoeg was, praatte ik ook in mijn slaap lekker verder. Toen moe en va daarom op een keertje weer eens weg waren geweest, brachten ze een t-shirt mee met de tekst: ‘Je ne bavarde pas, j’ai simplement baucoup de choses a dire’ wat prachtig strookte met hoe ik was (en in enthousiaste modus nog steeds ben).

Helaas was er dus ook de minder mooie kant aan de avond. Met een enorme fantasie kon ik me dingen levendig voorstellen, en helaas ook levendig onthouden, herhalen en verergeren in mijn hoofdje. Een arme babysit had ooit eens het ganglicht uitgedaan. Ik brulde en schreeuwde tot hij weer aan de trap verscheen om het lichtje weer aan te steken. Toen het donker was geweest, was het net alsof ik de schaduw van reusachtige wolven op mij af zag lopen.

Bij oma was er hetzelfde probleem. Oma stak een lampje aan en vertelde een verhaaltje op de stoel naast het bed, terwijl broer, die altijd het beste bed inpikte, dichtbij lag en dus voor veiligheid zorgde. De ene keer dat ik alleen bij oma ging slapen, werd ik wakker van een nachtmerrie. Eerst zei ik dat ik niet wist waarover, en toen ze wegwas, riep ik haar terug en zei dat het over vampiers ging. Nu ik fan was van Twilight (de boekenreeks vol blinkende vampiers en weerwolven) vond oma het toch nog zeker nodig om mij hieraan te herinneren.

Ook word ondergetekende vaak vergeleken met een klein, lief olifantje dat helaas verdwenen is in een porseleinwinkel en nu wanhopig alle richtingen op loopt op zoek naar de uitgang. Toen ik op een morgen, nog slaapdronken mijn (toen nog) hoogslaperbed op een nogal belachelijke manier was uitgeklommen en dit aan moeder vertelde, die al dacht dat ik uit mijn bed was gedonderd door het lawaai, heb ik haar weer een mooie herinnering bij gegeven. Ik klom dus van het laddertje naar beneden, even onwetend van de borstel die nog tegen hetzelfde trapje geleund stond dat ik af aan het klimmen was, en grijp natuurlijk de borstel beet, die omvalt. Bij een poging hem weer recht te zetten, stap ik in mijn vuilbak, die onderaan stond, en die omvalt. De borstel staat recht, nu de vuilbak nog. Ik stond te snel recht, verloor mijn evenwicht en belande met de beentjes in de lucht in de vaderse schommelstoel, die voor de gelegenheid eens in mijn kamer stond. Nu weten jullie direct ook waar mijn bijnaam Saartje Sloophamer voor staat (afgekort SS).

Maar terug naar de angsten. Ik ben altijd een durver geweest. Als 3-jarige ofzo klom ik op een rots en keek naar beneden alsof het nu toch wel mijn rots was. Toen ik merkte dat niemand me achterna kwam, kroop ik ook gewoon weer naar beneden, zonder hulp. Attractieparken zijn het liefste wat ik doe en ik geef liever geld aan een mega attractie die over kop gaat en heen en weer zwengelt dan aan een paar kleren.
Alleen horrorfilms zijn mijn kryptoniet. Ze kijken, trailers of zelfs maar verhalen, ik kan het niet horen of zien. En dan vooral zombies. Ik heb een soort irreële angst voor zombies. Vader lacht dit weg en moeder zucht dat ze toch niet bestaan, en ik ben daar zeer zeker van op de hoogte, maar het geeft me een rare twist in mijn borstkas, en een kriebel in mijn nek waardoor ik elke paar minuten wel eens achter mij kijk of ik nog wel alleen ben (of s morgens in het donker snel naar de straat ren zodat ze me zeker niet kunnen pakken 😉 )
Vooral waarschijnlijk omdat ik me voorstel hoe het is om helemaal alleen te zijn, in een meute van wat ooit mensen waren met hoop en dromen, en nu enkel uit zijn op bloed en hersens (* ik kijk snel even over mijn schouder 🙂 ) Maar het ergste vind ik me voorstellen dat het mijn ouders, familie en vrienden zijn die daar voor me staan en hongerig op me af komen schuifelen, reutelend en met lege, maar toch voor mij zo bekende ogen.

Hier laat ik het bij, en zet me snel in de zetel met een nieuwe aflevering van Game of Thrones (waar de White Walkers, voor de niet-kenners, een soort zombie meute, mij ook achtervolgen) en hopend dat er nooit zoiets zal kunnen bestaan als zombies.

Slaap maar lekker met deze horrorbeschrijvingen vanacht 😉

TD

19 thoughts on “Like a thief in the night

  1. Phieuw! Het is maar goed dat ik al geslapen heb! (Even OT:Afspreken in A’dam wordt trouwens niets hoor. We lopen vanwege het weer behoorlijk achter met de tuin, en ik kan het toch niet maken om Rem in zijn eentje te laten ploeteren? Volgende keer dan maar?)

    Liked by 1 persoon

  2. Oh gunst wat herkenbaar. Niet die zombiegasten, maar de deur op een kier en de lamp in de gang. Vreselijke dromen had. Realistisch ook. Vaak zat mijn moeder al op de rand van mijn bed als ik nog wakker moest worden. Dan riep ik in mijn slaap en werd ik badend in het zweet wakker. Bah…

    Liked by 1 persoon

  3. Het is duidelijk’de appel valt echt niet ver van de boom’.Echte schrijverstalenten bij jullie thuis!
    TD wanneer je boek uit komt ‘wil ik een gesigneerde versie 😊!!!

    Liked by 1 persoon

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s